standing wave: drawing resonance I


Met: James Geurts
19 juli – 16 augustus 2014

Een stad als Hoorn draagt de sporen in zich van de golven van menselijke bezetting en geloofssystemen die het Europese continent hebben gevormd, in interactie met elkaar en met de geografie. De opeenvolging van gebeurtenissen wordt geconcretiseerd in een verrassende rangschikking van middeleeuwse panden en imposante herkenningspunten uit het oude Europa die de stad sieren. Er heerst een herkenbare vervreemding in de stad, de herkenning van een geschiedenis die geleefd is maar in fragmenten is overgebracht in geschiedenislessen: iedere individuele ervaring (voor een bezoeker althans) voelt sterk verwoven met geërfde culturele herinnering en is verwant aan de ineengestrengelde geplaveide, smalle straatjes en grachten die naar de het stadscentrum en de haven leiden.

Er is me verteld dat de stad ooit negen kloosters had; een verrassend aantal gezien de grootte. Ik vermoed dat dit een indicatie is van de sleutelpositie die Hoorn speelde in de golf van de kerstening die zo tekenend is voor Europa’s vorming. Één van deze kloosters, nu geseculariseerd, herbergt een residency voor de Australische kunstenaar James Geurts. Zijn verblijf is deel van een reeks projecten die de kunstenaar deze zomer op het noordelijk halfrond uitvoert.

De Mariakapel is prachtig, bijna volmaakt in haar schoonheid, maar heeft tegelijkertijd ook een bepaalde leegte; vreemd hoe dingen zo kunnen zijn. Als een schip zonder bestemming ligt het afgedreven in tijd in het centrum van de stad. In de nabije havens liggen honderden zeilboten, jachten en roeiboten voor anker. De wateren waarin ze liggen aangemeerd monden uit in een aantal meren, ontstaan door de indamming van de voormalige Zuiderzee om de waterstanden te kunnen controleren. Nederland is een land dat is teruggewonnen van de zee, waar de mens in constante strijd is met de kracht van de natuur. Geurts produceert nieuwe werken voor iedere tentoonstelling en locatie, spelend met de wisselwerking tussen perceptie en de fysieke omgeving, een vorm van hedendaagse psychogeografie, die het wankele evenwicht van de omgeving onder de aandacht brengt.

Op subtiele en evocatieve wijze zijn het leven en het landschap in en om Hoorn ingebed in Geurts’ project Standing Wave: Drawing Resonance I. Een staande golf is een fenomeen dat ontstaat wanneer een bepaalde frequentie een gelijke harmonische resonantie veroorzaakt. Een uitgaande geluidsgolf resoneert met een gelijke inkomende geluidsgolf, in dit geval een architectonische ruimte; de kapel. Het geheel aan eigenschappen van iedere gebouwde ruimte – geometrie, volume, oppervlakte, massa en diepte – beïnvloedt dit gegeven. Door de kunstenaar uitgevoerde experimenten wezen uit dat dit overeenkomt met een frequentie van 76HZ. Elke golflengte verdubbelt zich door de resonantie met de architectuur, versterkt door het proces en voelbaar door de echo die het veroorzaakt. Een geluidsbron achterin de kapel vermenigvuldigt zichzelf, niet alleen door de echo in de ruimte, maar ook door de grootschalige lichtinstallatie in de vorm van een golf. Geurts gebruikt daarvoor een materiaal dat kenmerkend voor zijn werk is – TL-buizen, geel in dit geval – om hoog in de zaal van de kapel een golf te hangen. Wanneer je je door de kapel begeeft weerklinken de licht- en geluidsgolven in elkaar. Hun massa en volume veranderen, afhankelijk van de positie van de kijker. Dit betrekt de bezoeker bij het werk en maakt de lichamelijkheid van de frequenties en ritmes die erdoorheen stromen voelbaar.

Deze fysieke resonantie in interne en externe ruimte wekt ook andere associaties met plaats op. Licht is het vloeibare medium van de tijd en de perceptie zelf. Tevens speelt het een centrale en iconische rol in religie. Terwijl de kunstenaar geen directe verwijzing maakt naar het voormalige gebruik van de tentoonstellingsruimte als plaats van verering, bestaat er door het archetypische gebruik van licht (de golf) een gevoel van de latente aanwezigheid van deze onzichtbare geschiedenis. De abstractie en het minimalisme van de tentoonstelling bieden het lichaam ruimte tot reflectie en innerlijkheid buiten voorgeschreven codes en waarden.

Context speelt ook mee in de toespelingen op golfvormen. Lichamelijke resonantie wordt door de staande golven geopenbaard. En figuurlijk gezien, blijven golven ook staan wanneer de toegang tot de zee wordt geblokkeerd. In Hoorn produceert dit wat Geurts een ‘fantoom tij’ noemt; het tij blijft hangen in de collectieve psyche, maar manifesteert zich niet langer in de geografie. Vreemd genoeg wordt de voormalige tij van Hoorn nog wel geregistreerd op menig meteorologische website als een bestaande kracht. Een videowerk, verwerkt in een object gemaakt van triplex, toont een loop van een jacht dat op de wind en het water beweegt, altijd beperkt door de lengte van zijn ligplaats. Het roer van het schip beweegt heen en weer, zonder dat er een kapitein te zien is; een fantoom navigator op een fantoom tij.

De spanning tussen beweging en fixatie en de dialoog tussen zichtbaarheid en onzichtbaarheid, weerspiegelt de dynamiek die door het geluid- en lichtwerk geproduceerd wordt. Deze elementen worden versterkt door twee aanvullende elementen in de tentoonstelling. De eerste is een tekening gebaseerd op de niet-bestaande vloed van Hoorn. Het werk is verwerkt in de muur van de kapel. De getekende contouren en dynamiek van het bewegende lichaam komen samen met de schijnbare onbeweeglijkheid van de kapel; in een ander licht lijkt dit op de onmerkbare beweging van het langzame verval. In het tweede werk wordt de werking van het tl-licht herhaald. Twee kleine schermen aan weerszijden van een TL-buis onthullen – door de vangst van lichtgolven als digitaal videosignaal – dat de straal van het licht ook wordt gevormd uit een pulserende staande golf die niet zichtbaar is voor het blote oog.

Geurts’ werk richt zich op discrete, kortstondige, bewegende verschijnselen, met name golven en bijbehorende vormen (getijden, cycli) in relatie tot licht en water en andere gerelateerde media, zoals geluid. Net als bij zijn ‘expanded drawings’, verhoogt de tentoonstelling het bewustzijn van de manieren waarop objecten beroering en onderdompeling van de waarneming teweegbrengen terwijl onze gedachten in gebaren, structuren en patronen geconcretiseerd worden. Dit is de ongelooflijk rijke en vitale wereld van fysieke en metafysische relaties waarin we zwemmen, als we er bij stilstaan. In tegenstelling tot de specialist of drager van een boodschap, probeert de kunstenaar dit alles niet extraheren, reduceren of definiëren, hij zet uiteen, associeert en brengt met elkaar in verband. Hij onderzoekt de essentiële samenhang tussen krachten die materie beïnvloedt en die onze verbeelding als gelijken, als onlosmakelijk verbonden, zo heerlijk en nieuwsgierig poreus verstrengelt. De kapel is als een haven van een ander soort.

Julie Louise Bacon